Dit is een lastige vraag aangezien het over de toekomst gaat. Helaas kunnen we de toekomst niet voorspellen.
Wel weten we dat netcongestie, de dienstverlening van de snellaadexploitant en de snelheid van de mobiliteitstransitie invloed hebben op de beschikbaarheid van voldoende elektrisch vermogen.
Verder uitgelegd:
- Netcongestie: in hoeverre de regionale netbeheerder de elektriciteitsvraag op de verzorgingsplaats kan leveren is heel belangrijk. De snellaadexploitant is hier namelijk afhankelijk van. Op dit moment wordt veel ontwikkeld om het bestaande net slimmer te benutten, denk aan het afnemen van stroom buiten de piekmomenten en het toepassen van batterijen om pieken in de vraag naar snelladen op te vangen. We verwachten dat batterijen tijdelijk een deel van de laadvraag die niet geleverd kan worden door de netbeheerder zullen opvangen. Als dat voldoende is, kunnen de auto’s en vrachtwagens met de gewenste snelheid laden.
- Dienstverlening van snellaadexploitant: deze zal proberen om zo voorspelbaar mogelijk te zijn. Dus zal de snellaadexploitant onderbrekingen of grote verschillen in het snelladen proberen te voorkomen.
- Snelheid van de mobiliteitstransitie: hoe groot de vraag precies zal zijn, heeft ook verband met het kijken in de toekomst. Als in een korte tijd de vraag snel stijgt, moeten de exploitanten snellaadpalen toevoegen. Dit kan effect hebben op de wachttijd voordat kan worden geladen. Dit heeft ook een link met de netcongestie, zoals aangegeven is de snellaadexploitant afhankelijk van de beschikbare capaciteit op het distributienet. Concreet, als de laadpalen bezet zijn zullen voertuigen moeten wachten voordat gestart kan worden met laden. Als vervolgens geladen wordt, gelden de hierboven genoemde punten weer.
Op dit moment is nog onduidelijk of en wanneer de aanpak Stopcontact op Land daadwerkelijk wordt uitgevoerd. De aanpak is nu alleen als advies opgesteld, er is nog geen besluit genomen over de implementatie.
Het programma deelde eind 2025 zijn bevindingen met daarbij een voorstel voor een landelijke aanpak voor het realiseren van toekomstbestendige netaansluitingen op alle verzorgingsplaatsen langs het hoofdwegennet.
Mocht het Rijk besluiten om de aanpak uit te voeren, dan ziet de globale tijdlijn er als volgt uit:
- Tot 2035: nadruk op het behouden en veiligstellen van bestaande netaansluitingen op de verzorgingsplaatsen.
- Tot 2050: realisatie van zwaardere netaansluitingen.
Omdat er nog geen definitief besluit is genomen, is uitvoering nog onzeker.
De netaansluiting kan 8500 kW vermogen leveren. Dat wil zeggen, de onderdelen zoals de kabels, schakelaars en aansluitpunten zijn ontworpen om dit aan te kunnen. Dat zegt alleen nog niets over het elektriciteitsnet, want het gevraagde vermogen moet geleverd worden vanuit het distributienet van de regionale netbeheerders. Juist in tijden van netcongestie is meer vraag naar vermogen (op bepaalde momenten) dan geleverd kan worden door de netbeheerder. Verder geldt dat de netaansluiting voldoende capaciteit moet hebben voor de eindsituatie van de mobiliteitstransitie, dus het moment dat het meeste vervoer elektrisch rijdt. De netaansluiting zal elk jaar steeds iets meer benut worden tot het einde van de transitie (2050).
Waarmee is dit vermogen te vergelijken?
8500 kW is te vergelijken met het vermogen dat nodig is om een woonwijk van 1500 woningen te voorzien van elektriciteit (woningen met een warmtepomp).
Verder is een netaansluiting ongeveer 500 keer zo klein als al het vermogen dat de fabrieken van Tata Steel nodig hebben, dit is namelijk 4GW. Het totaal vermogen voor alle 230 verzorgingsplaatsen en dus netaansluitingen komt wel in de buurt van het vermogen van Tata Steel, namelijk 1600 MW (dat is 1,6 GW).
Bron Klimaat Helpdesk